Menu

Problem-solving treatment (demo)

2019-1

Header afbeelding

Problem-solving treatment (demo)

2019-1

Samenvatting

Belang van het onderwerp voor de doelgroep

Psychosociale klachten komen veel voor en hebben een grote impact op het dagelijks leven. Depressie en angststoornissen stonden in 2015 beide in de top 10 van ziekten met de grootste ziektelast in Nederland. De prevalentie van psychische stoornissen is hoog: ongeveer een vijfde van de Nederlandse volwassenen heeft een psychische aandoening. Depressie komt het vaakst voor. Daarnaast zijn er mensen met psychische klachten die niet aan de dsm-criteria voldoen. Het gaat bij hen om mildere klachten van somberheid, angst, stress, slapeloosheid, nervositeit en dergelijke. Het percentage volwassen Nederlanders dat vanwege psychische klachten contact heeft gehad met de huisartsenpraktijk steeg behoorlijk: van 12% in 2011 naar 18% in 2017. Het aantal patiënten dat een poh-ggz ziet na een consult met de huisarts is tussen 2011 en 2017 gestegen van een op de zeventien naar een op de vijf. Het is niet zo dat huisartsen deze patiënten alleen maar ‘naar de poh-ggz schuiven’, ze doen ook zelf meer (vooral lange) consulten in het kader van psychische problemen. Psychosociale problemen hebben al met al dus een belangrijke impact in Nederland:

  • ze komen veel voor;
  • veroorzaken een grote ziektelast;
  • genereren een aanzienlijke workload in de huisartsenpraktijk.

Medicatie, zoals antidepressiva of benzodiazepines, is vaak niet geïndiceerd, ongewenst of geeft te veel bijwerkingen. Bovendien is de therapietrouw laag. Veel patiënten ontvangen het liefst een niet-medicamenteuze behandeling in de eigen huisartsenpraktijk. Problem-solving treatment (PST) is hiervoor een goede mogelijkheid.

PST is een korte psychologische behandeling, die patiënten helpt bij het leren oplossen van problemen in hun dagelijks leven, een behandeling waarbij de patiënt de touwtjes weer in handen krijgt. 

PST beoogt problemen stapsgewijs aan te pakken en patiënten (weer) een gevoel van controle te geven. Klachten nemen af als de patiënt (meer) controle over problemen heeft. Weer controle voelen over problemen in het dagelijks leven is waarschijnlijk de belangrijkste factor die nodig is voor het verbeteren van (depressieve) symptomen.

pst is vooral effectief gebleken bij depressie, maar ook bij andere psychische klachten zoals angst- of persoonlijkheidsstoornissen,of bij palliatieve zorg. Ook bij psychische klachten die niet voldoen aan de definitie van een depressieve stoornis of angststoornis, maar juist heel kenmerkend zijn voor de huisartsenpraktijk (bijv. spanningen), blijkt deze behandeling effectief. Vanwege het goede effect op depressieve klachten adviseert de NHG-Standaard Depressie PST als een van de stappen in de aanpak. Om die reden – en omdat het een korte, praktische behandeling is die goed aansluit bij het leven van alledag – blijkt PST voor veel POH’s-GGZ een goede aanvulling van hun arsenaal aan technieken. Om verwarring met oplossingsgerichte therapie te vermijden, wordt hierna steeds de Engelse term problem-solving treatment (PST) of problem-solving vaardigheden gebruikt.

 

 

Leerdoelen

Na afloop van deze nascholing:

  • ken je de principes van PST;
  • kun je het verband verduidelijken tussen klachten/symptomen en de problemen in het dagelijks leven;
  • ben je in staat een stapsgewijze aanpak voor probleemoplossing aan te bieden, waarmee patiënten zelf op gestructureerde wijze problemen leren aanpakken;
  • kun je patiënten leren hun problemen helder te definiëren;
  • kun je patiënten leren haalbare doelen te stellen;
  • weet je welke patiënten baat kunnen hebben bij PST.

Auteur

dr. Hassink-Franke, L.J.A.

Lieke Hassink-Franke is huisarts en werkzaam in huisartsenpraktijk Franssens & Hassink-Franke te Bunnik. Daarnaast is zij GGz-kaderhuisarts. Ze is auteur van de NHG-Standaarden Angst en ADHD bij kinderen. Tevens heeft ze bijdragen geleverd aan diverse andere GGz-gerelateerde publicaties. Daarnaast geeft ze PST-trainingen en -workshops. In 2010 promoveerde zij aan de Radboud Universiteit te Nijmegen op het onderwerp Problem-solving treatment tijdens de huisartsopleiding – haalbaarheid, en effectiviteit voor patiënten met psychische klachten in de huisartspraktijk. Uit dit onderzoek bleek dat huisartsen in opleiding PST goed kunnen aanleren en toepassen, en dat deze behandeling vooral op patiënten met depressieve klachten een goed effect heeft. Belangenconflicten: geen.

Opmerkingen

eLearning

In onze eLearnings vind je vragen of casus. Deze zijn bedoeld om de stof te introduceren en je kennis vooraf in kaart te brengen; ze tellen niet mee voor je eindresultaat. Voor het behalen van de nascholingspunten moet je: 1. het programma helemaal doorlopen en 2. de afsluitende toets met een voldoende afsluiten (zie hieronder).

Toets

Deze nascholing is door de LV POH-GGZ en de NVvPO voor 3 punten geaccrediteerd. Je krijgt de punten toegekend als je de afsluitende toets succesvol (≥ 70% correct beantwoord) hebt afgerond.

Nota bene

Houd bij hoe lang je met dit programma bezig bent. Het is voor de redactie van AccreDidact en voor de LV POH-GGZ en de NVvPO nuttig te weten hoeveel tijd je in totaal nodig hebt gehad om het gehele programma door te werken, de opdrachten uit te voeren, de vragen te beantwoorden en ten slotte alle vragen op de afsluitende toets volledig en adequaat te beantwoorden. Als je de toets volledig hebt ingevuld, ga dan na hoeveel tijd je in totaal aan dit programma besteed hebt. Vul de totaal bestede tijd in bij de betreffende vraag na de toets.

Begrippenlijst

Voor het gemak is er een begrippenlijst opgenomen met termen uit deze nascholing die je misschien niet kent. 

Verdieping

De externe links naar artikelen en andere verdiepende internetbronnen zijn ondergebracht in de Verdieping. Ook vind je soms toelichtende figuren en tabellen in de Verdieping. In de Verdieping wordt je naar een externe pagina geleid, het huidige venster blijft actief. De verdiepingsstof is geen toetsstof. De Verdieping herken je aan één van de volgende symbolen:

verdieping icoon

Disclaimer

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. Voorzover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 20 juni 1974, St.b. 351, zoals gewijzigd bij Besluit van 23 augustus 1985, St.b. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan de Stichting Reprorecht. Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatie- of andere werken (artikel 16 Auteurswet 1912), in welke vorm dan ook, dient men zich tot de samenstellers/uitgever te wenden.

De uitgever heeft datgene gedaan wat redelijkerwijs van haar kan worden gevergd om de rechten van de auteursrechthebbenden op de beelden te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die menen rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden. Deze zal in navolgende drukken van dit werk dergelijke omissies corrigeren. 

De inzichten in de geneeskunde en wetenschap zijn voortdurend aan verandering onderhevig als gevolg van onderzoek en ervaring. De redactie, auteurs en uitgever zijn uiterst zorgvuldig te werk gegaan, om ervoor te zorgen dat de in dit nascholingsprogramma verstrekte informatie, in overeenstemming is met de huidige kennis van zaken. Dit ontslaat de gebruiker van deze nascholing echter niet van de verplichting om aan de hand van bestaande richtlijnen, protocollen en wetenschappelijke informatie te controleren of de daar verstrekte informatie afwijkt van de gegevens in dit boek en daarmee vast te stellen of de inhoud nog in overeenstemming is met de huidige stand van zaken ten aanzien van kennis en handelen.

Ondanks alle aan de samenstelling van deze uitgave bestede zorg, zal noch de uitgever, noch de auteur aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige fout die in deze uitgave zou kunnen voorkomen.

Definitie en beginselen van PST

Introductie

Opdracht

Sta even stil bij de kennis die je momenteel hebt over de aanpak van patiënten met psychosociale klachten in de huisartsenpraktijk. Beantwoord voor je verder gaat eerst de volgende vragen. 

Vragen

Vraag 1

Zijn er patiënten met wie je graag actiever aan de slag zou gaan?

Verklarende woordenlijst
  • Anhedonie
    Nergens van kunnen genieten.
  • Benzodiazepines
    Groep van geneesmiddelen die werkzaam zijn als anxiolyticum, hypnoticum, spierverslapper en anti-epilepticum; benzodiazepines met een korte halfwaardetijd kunnen worden gebruikt als hypnoticum bij slaapproblemen op basis van angst en spanning.
  • Comorbide
    Gelijktijdig optredend, maar pathogenetisch niet noodzakelijkerwijs gerelateerd aan de hoofdaandoening.
  • Depersonaliserend
    Van zichzelf vervreemdend, zichzelf vanuit het perspectief van een ander bekijken.
  • Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM)
    Classificatiesysteem voor psychische stoornissen, ontwikkeld onder verantwoordelijkheid van de American Psychiatric Association.
  • Exercitie
    Activiteit.
  • Externaliseren
    Het probleem buiten zichzelf zoeken.
  • Problem-solving treatment (PST)
    Een korte psychologische behandeling, gericht op vermindering van psychische klachten die samenhangen met onopgeloste problemen in het dagelijks leven.
  • Rationale
    Het idee achter een bepaalde handeling.
  • Slaaphygiëne
    Vaste handelingen voor het slapengaan.
Literatuurlijst
  • Bell AC, D'Zurilla TJ. Problem-solving therapy for depression: a meta-analysis. Clin Psychol Rev. 2009;29(4):348-53.
  • Beurs D de, Prins A, Nielen M. Psychische en sociale problematiek in de huisartsenpraktijk in de periode 2011-2017. Utrecht: nivel; 2018.
  • Cuijpers P, Straten A van, Warmerdam L. Problem solving therapies for depression: a meta-analysis. Eur Psychiatry 2007 Jan;22(1):9-15. [Epub 2006 Dec 27.]
  • Graaf R de, Have M ten, Dorsselaer S van. De psychische gezondheid van de Nederlandse bevolking. nemesis-2: Opzet en eerste resultaten. Utrecht: Trimbos-instituut; 2018.
  • Hassink-Franke LJA. Problem-solving treatment during general practice residency: feasibility, and effectiveness for patients with emotional symptoms in primary care. Proefschrift. Nijmegen: Radboudumc; 2010.
  • Hassink-Franke LJ, Weel-Baumgarten EM van, Wierda E, Engelen MW, Beek MM, Bor HH, et al. Effectiveness of problem-solving treatment by general practice registrars for patients with emotional symptoms. J Prim Health Care 2011;3(3):181-9.
  • Huband N, McMurran M, Evans C, Duggan C. Social problem-solving plus psychoeducation for adults with personality disorder: pragmatic randomised controlled trial. Br J Psychiatry 2007;190:307-13.
  • Kleiboer A, Donker T, Seekles W, Straten A van, Riper H, Cuijpers P. A randomized controlled trial on the role of support in Internet-based problem solving therapy for depression and anxiety. Behav Res Ther. 2015 Sep;72:63-71. [Epub 2015 Jul 6.]
  • Malouff JM, Thorsteinsson EB, Schutte NS. The efficacy of problem solving therapy in reducing mental and physical health problems: a meta-analysis. Clin Psychol Rev. 2007 Jan;27(1):46-57. [Epub 2006 Feb 9.]
  • Mynors-Wallis L, Davies I, Gray A, Barbour F, Gath D. A randomised controlled trial and cost analysis of problem-solving treatment for emotional disorders given by community nurses in primary care. Br J Psychiatry 1997;170:113-9.
  • Mynors-Wallis L. Problem-Solving Treatment for Anxiety and Depression: A practical guide. Oxford: University Press; 2005.
  • Renn BN, Areán PA. Psychosocial Treatment Options for Major Depressive Disorder in Older Adults. Curr Treat Options Psychiatry 2017 Mar;4(1):1-12. [Epub 2017 Feb 8.]
  • Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2018. Bilthoven: rivm (https://www.volksgezondheidenzorg.info/ziektelast-nederland#node-ziektelast-naar-afzonderlijke-ziekten).
  • Weel-Baumgarten EM van. PST-gebruikershandleiding [vertaald en bewerkt naar de oorspronkelijke Engelse PST-trainingshandleiding van LM Mynors-Wallis, University of Southampton, Verenigd Koninkrijk, MT Hegel, Dartmouth Medical School, Hanover, NH, Verenigde Staten]. Nijmegen: Radboudumc; 2003.
  • Weel-Baumgarten EM van, Gelderen MG van, Grundmeijer HGLM, Licht-Strunk E, Marwijk HWJ van, Rijswijk HCAM van, et al. nhg-Standaard Depressie (tweede herziening). Huisarts Wet. 2012;55(6):252-9.
  • Wood BC, Mynors-Wallis LM. Problem-solving therapy in palliative care. Palliat Med. 1997;11(1):49-54.
Externe bronnen
Help en toelichting

Hieronder vindt u een korte beschrijving als hulp bij het gebruik van de eLearning- en eindtoetsmodule van AccreDidact.

U kunt dit scherm (en andere schermen in deze module) sluiten door rechts bovenin op het blauwe kruis te klikken. Heeft u ondanks de onderstaande instructie toch nog vragen? Neem dan gerust contact met AccreDidact op: klik hier.

Menu en navigatie

De menu-navigatie bevindt zich aan de linkerkant en bevat de indeling van het programma. U ziet hier direct uw voortgang en door te klikken op reeds gelezen hoofdstukken kunt u navigeren door het programma. Als u een hoofdstuk heeft afgerond, wordt het menu bijgewerkt en ziet u dus uw voortgang.

Onder de inhoudsopgave vindt u verder – soms optioneel – de leerdoelen, informatie over de auteur(s), links naar externe bronnen en deze helpfunctie. Eenmaal geopend kunt u deze items sluiten door op het blauwe kruis rechts bovenin te klikken.

U kunt het menu ‘in- en uitklappen’ door op onderstaand icoon te klikken.

hamburger

Vragen beantwoorden

De vragen in deze module – entreetoets, tussenvragen, vragen bij een casus en toetsvragen – kunt u beantwoorden door een of meer vakjes aan te klikken of – in het geval van open vragen – tekst te typen in het tekstvak. Zodra uw antwoord is genoteerd, verschijnt het juiste antwoord met een toelichting en kunt u verder lezen.

Let op: in sommige browsers moet u – bij open vragen – naast het tekstvak klikken om uw antwoord vast te leggen en verder te kunnen gaan.

Let op: bij meerkeuzevragen met meer opties dient u altijd even te bevestigen wat uw definitieve antwoord is, zie de afbeelding hieronder. Nota bene: heeft een meerkeuzevraag slechts een enkel goed antwoord dan staat voor de antwoordcategorieën geen vierkantje maar een rondje.

meerkeuze

Kan ik tussentijds stoppen en afsluiten?

Ja, dat kan. Uw voortgang en ingevoerde antwoorden blijven bewaard voor de volgende keer dat u het programma weer opent.

Verdieping

Op diverse plaatsen in de tekst vindt u in de rechtermarge een icoon dat aangeeft dat er op dit punt een verdieping staat. Een verdieping kan extra toelichting of aanvullende informatie bevatten. U opent de verdieping door op het icoon te klikken en kunt deze weer sluiten door op het blauwe kruis rechts bovenin te klikken.

verdieping2

Noten

In de lopende tekst vindt u in een donker rondje de noten: als u erop klikt ziet u de achterliggende tekst. Met een volgende klik sluit de noot en kunt u weer verder.

Externe links

Zowel de lopende tekst als verdiepingen en de toelichting op vragen kunnen links naar externe websites bevatten. Als u hierop klikt, wordt er altijd een nieuw venster of tabblad in uw browser geopend. Hierdoor blijft de module van AccreDidact beschikbaar.

Afbeeldingen

De afbeeldingen die u in de programma’s van AccreDidact aantreft, zijn mogelijk geschaald om ze goed weer te geven in de lopende tekst. U kunt altijd op de afbeelding klikken om deze te tonen in het werkelijke formaat, zodat u eventuele details beter kunt zien. U kunt de afbeelding weer sluiten door ergens in uw scherm te klikken.

Literatuurlijst, leerdoelen en auteurs

Deze items vindt u aan de linkerkant van het scherm, in het menu onder de inhoudsopgave. Als u een item geopend heeft, kunt u dit sluiten door op het blauwe kruis rechts bovenin te klikken.

Eindtoets

De afsluitende toets bestaat uit meerkeuzevragen. Net als in de eLearning is er naast de vraagstelling ook een visueel verschil tussen vragen met een goed antwoord (rondjes) en vragen waarbij u om meerdere antwoorden wordt gevraagd (vierkantjes).

Heeft u de toets gehaald dan komt u in een scherm waarin u een korte enquête over de nascholing kunt invullen. Daarna kunt u uw punten direct laten toevoegen aan GAIA/PE-Online/KABIZ/KRT (kies ‘nee’ als u niet geregistreerd bent of uw punten elders verzamelt) en aangeven hoe lang u over de nascholing, inclusief toets, heeft gedaan.

U heeft drie pogingen om de eindtoets met een voldoende af te ronden. Mocht u nog een poging nodig hebben dan moet de toets gereset worden (zie hieronder). U zult de eLearning dan opnieuw moeten doorlopen.

resultaat

Externe bronnen en verklarende woordenlijst

Indien nuttig kunnen aan een eLearning externe bronnen (denk aan een online rekentool of het Farmacotherapeutisch Kompas) en/of een woordenlijst worden toegevoegd. Net als bij alle andere vensters geldt dat u deze met een klik op het blauwe kruis rechts bovenin sluit.

Beeld bij dit artikel
Leerdoelen

Na afloop van deze nascholing:

  • ken je de principes van PST;
  • kun je het verband verduidelijken tussen klachten/symptomen en de problemen in het dagelijks leven;
  • ben je in staat een stapsgewijze aanpak voor probleemoplossing aan te bieden, waarmee patiënten zelf op gestructureerde wijze problemen leren aanpakken;
  • kun je patiënten leren hun problemen helder te definiëren;
  • kun je patiënten leren haalbare doelen te stellen;
  • weet je welke patiënten baat kunnen hebben bij PST.
Samenvatting

Belang van het onderwerp voor de doelgroep

Psychosociale klachten komen veel voor en hebben een grote impact op het dagelijks leven. Depressie en angststoornissen stonden in 2015 beide in de top 10 van ziekten met de grootste ziektelast in Nederland. De prevalentie van psychische stoornissen is hoog: ongeveer een vijfde van de Nederlandse volwassenen heeft een psychische aandoening. Depressie komt het vaakst voor. Daarnaast zijn er mensen met psychische klachten die niet aan de dsm-criteria voldoen. Het gaat bij hen om mildere klachten van somberheid, angst, stress, slapeloosheid, nervositeit en dergelijke. Het percentage volwassen Nederlanders dat vanwege psychische klachten contact heeft gehad met de huisartsenpraktijk steeg behoorlijk: van 12% in 2011 naar 18% in 2017. Het aantal patiënten dat een poh-ggz ziet na een consult met de huisarts is tussen 2011 en 2017 gestegen van een op de zeventien naar een op de vijf. Het is niet zo dat huisartsen deze patiënten alleen maar ‘naar de poh-ggz schuiven’, ze doen ook zelf meer (vooral lange) consulten in het kader van psychische problemen. Psychosociale problemen hebben al met al dus een belangrijke impact in Nederland:

  • ze komen veel voor;
  • veroorzaken een grote ziektelast;
  • genereren een aanzienlijke workload in de huisartsenpraktijk.

Medicatie, zoals antidepressiva of benzodiazepines, is vaak niet geïndiceerd, ongewenst of geeft te veel bijwerkingen. Bovendien is de therapietrouw laag. Veel patiënten ontvangen het liefst een niet-medicamenteuze behandeling in de eigen huisartsenpraktijk. Problem-solving treatment (PST) is hiervoor een goede mogelijkheid.

PST is een korte psychologische behandeling, die patiënten helpt bij het leren oplossen van problemen in hun dagelijks leven, een behandeling waarbij de patiënt de touwtjes weer in handen krijgt. 

PST beoogt problemen stapsgewijs aan te pakken en patiënten (weer) een gevoel van controle te geven. Klachten nemen af als de patiënt (meer) controle over problemen heeft. Weer controle voelen over problemen in het dagelijks leven is waarschijnlijk de belangrijkste factor die nodig is voor het verbeteren van (depressieve) symptomen.

pst is vooral effectief gebleken bij depressie, maar ook bij andere psychische klachten zoals angst- of persoonlijkheidsstoornissen,of bij palliatieve zorg. Ook bij psychische klachten die niet voldoen aan de definitie van een depressieve stoornis of angststoornis, maar juist heel kenmerkend zijn voor de huisartsenpraktijk (bijv. spanningen), blijkt deze behandeling effectief. Vanwege het goede effect op depressieve klachten adviseert de NHG-Standaard Depressie PST als een van de stappen in de aanpak. Om die reden – en omdat het een korte, praktische behandeling is die goed aansluit bij het leven van alledag – blijkt PST voor veel POH’s-GGZ een goede aanvulling van hun arsenaal aan technieken. Om verwarring met oplossingsgerichte therapie te vermijden, wordt hierna steeds de Engelse term problem-solving treatment (PST) of problem-solving vaardigheden gebruikt.

 

 

Auteur

dr. Hassink-Franke, L.J.A.

Lieke Hassink-Franke is huisarts en werkzaam in huisartsenpraktijk Franssens & Hassink-Franke te Bunnik. Daarnaast is zij GGz-kaderhuisarts. Ze is auteur van de NHG-Standaarden Angst en ADHD bij kinderen. Tevens heeft ze bijdragen geleverd aan diverse andere GGz-gerelateerde publicaties. Daarnaast geeft ze PST-trainingen en -workshops. In 2010 promoveerde zij aan de Radboud Universiteit te Nijmegen op het onderwerp Problem-solving treatment tijdens de huisartsopleiding – haalbaarheid, en effectiviteit voor patiënten met psychische klachten in de huisartspraktijk. Uit dit onderzoek bleek dat huisartsen in opleiding PST goed kunnen aanleren en toepassen, en dat deze behandeling vooral op patiënten met depressieve klachten een goed effect heeft. Belangenconflicten: geen.